januari

AANEEN of VAN ELKAAR?

 

te kort het tekort
bijwoordelijke bepaling: niet lang genoeg 

 

Dat bloesje is echt wel te kort.

zelfstandig naamwoord: een hoeveelheid/bedrag die/dat ontbreekt 

In de kassa is een tekort ontdekt.

 

ten minste tenminste
minstens 

De show moest ten minste 3 uur duren.

althans 

Dat vond de regisseur tenminste.

 

ten slotte tenslotte
tot slot 

Tijdens het museumbezoek kregen de leerlingen eerst een inleiding, dan een rondleiding en ten slotte was er nog tijd om vragen te stellen.

uiteindelijk 

Dat gedrag is onaanvaardbaar; er zijn tenslotte grenzen!

 

te veel het teveel
bijwoordelijke bepaling: in overvloed 

Er was veel te veel eten voor onze gasten.

zelfstandig naamwoord: overmaat/overschot 

Het teveel aan voedsel wordt vaak jammer genoeg gewoon weggegooid.

 

Slideshow by webdesign